Vliegen de sensoren u straks om de oren?

maandag 22 juni 2015

De GGZ is koploper als het gaat om de inzet van internet bij de behandeling van cliënten. Tienduizenden mensen werken via internet zelfstandig of met hun ‘online’ hulpverlener aan hun angsten, depressies en verslavingen. En nieuwe ontwikkelingen staan al voor de deur. Hoe zorgen we ervoor dat deze innovaties goed aansluiten bij bestaande informatiesystemen? En waarom zijn deze ontwikkelingen belangrijk voor de patiënt en de zorgprofessional?

Opkomende technologie, ontwikkelingen in de maatschappij, er gaat een hoop veranderen de komende jaren. De vraag naar laagdrempelige toegang tot zorg wordt groter. Helaas zijn veel ICT-systemen in de GGZ daar nog niet klaar voor. Dat komt doordat hun ICT-leveranciers het systeem zo hebben ingericht dat overstappen zonder hoge kosten onmogelijk is. Die verouderde systemen, in combinatie met de toenemende regeldruk vanuit de overheid, zorgt voor problematische situaties. Dat wordt pijnlijk zichtbaar wanneer we de huidige elektronisch patiënten dossiers (EPD’s) van GGZ instellingen onder de loep nemen. 

 

Decentralisatie van zorg
Zorgprofessionals krijgen vaak te maken met cliënten bij wie hulpverleners van meerdere instellingen betrokken zijn. Denk aan jeugdzorg, familie en de instelling waar iemand verblijft. De zorg krijgt een sterk transmuraal karakter. Helaas zijn de bestaande systemen vooral gericht op het ondersteunen van intramurale processen. Dat is problematisch. De ervaring leert dat het delen van informatie met betrokkenen noodzakelijk is om een behandeling goed vorm te geven en de veiligheid van de cliënt te waarborgen. Systemen zijn daar echter nog niet op gebouwd.

Zorgprofessionals en cliënten beschikken steeds vaker over een smartphone en gebruiken deze voor het invullen van hun ongehoorde behoeften. Daarnaast worden zorgprofessionals ook min of meer ‘gedwongen’ om nieuwe toepassingen te gaan gebruiken. Met name in de jeugd-GGZ zijn jongeren vaak moeilijk via telefoon of mail te bereiken. Ze zeggen letterlijk: “Mijn voicemail luister ik niet af en SMS kost geld. Waarom ‘Whatsapp’ je mij niet?”

Een ander probleem is dat bestaande systemen moeilijk koppelen met nieuwe EHealth oplossingen. Daardoor moeten veel gegevens dubbel worden geregistreerd en is cruciale informatie niet voor handen.

 

Google Cardboard
Behandelingen via smartphones spelen in de toekomst een steeds belangrijkere rol. Google Cardboard is hierin een goed voorbeeld. Bij Google Cardboard gebruiken mensen een kartonnen constructie in combinatie met hun mobiele telefoon om in een virtual reality-omgeving te stappen1. Het idee is afgeleid van de succesvolle behandelmethode met de Oculus Rift, een virtual reality bril. Deze speciale bril, oorspronkelijk ontwikkeld voor gamers, wordt bij GGZ Friesland ingezet bij de behandeling van angst- of depressieve stoornissen. In plaats van dat een zorgprofessional de cliënt in de fysieke wereld confronteert met de angstopwekkende prikkel, wordt bij Virtual Reality Exposure Theory een situatie levensecht gesimuleerd en weergegeven in een digitale 360 graden view. Het effect van de Virtual Reality Exposure is aangetoond voor vliegangst en hoogtevrees en geeft dezelfde resultaten als de traditionele behandelmethoden. 

 

Sensortechnologie
Een andere naderende ontwikkeling in de GGZ is sensortechnologie. Hiermee kunnen cliënten zelfmetingen verrichten waarvoor je enkele jaren terug nog naar de huisarts of specialist moest. Deze toepassingen worden nu voornamelijk gebruikt binnen ‘quantified self movement', waar geëxperimenteerd wordt met de mogelijkheden op het gebied van zelfmetingen. 

Twee voorbeelden van dergelijke sensortechnologie zijn de ‘Skipabeat’ en de ‘Scanadu Scout’. De Skipabeat is een toepassing voor op je smartphone waarmee je optisch je hartslag kunt meten. De Scanadu Scout is een apparaatje waarmee je vitale lichaamsfuncties kunt meten. Uiteindelijk zal de trend van het meten van lichaamsfuncties resulteren in zogenaamde permanente meting of ‘continuous montoring’ in het Engels. De Apple Watch beschikt over een ingebouwde optische hartslagmeter waarmee het mogelijk is om je hartslag over langere tijd te meten.

 

Onderzoek in de GGZ
Binnen de GGZ doet Altrecht op de afdeling Roosenburg (forensische psychiatrie) al twee jaar onderzoek naar het meten van allerlei signalen, waaronder stress via sensoren op de huid2. Dit jaar doet Altrecht een onderzoek met ‘slimme’ pleisters die zijn voorzien van sensoren. De sensoren houden bij of een persoon stress ervaart of wanneer spanning toeneemt. Verhoging van stress kan een prodroom zijn van bijvoorbeeld een naderende psychose bij een cliënt. Altrecht verwacht dat in de toekomst met dit soort technologie een patiënt langer stabiel en gezond kan blijven, doordat je mogelijke alarmsignalen eerder kunt signaleren.

 

De smartphone als kantelpunt
Nieuwe technologieën worden steeds goedkoper en komen hierdoor voor een groter publiek beschikbaar. De introductie van de smartphone in 2007 was hierin het kantelpunt. Technologie was niet langer iets voor ‘nerds’ of specialisten maar kwam plots beschikbaar voor een groot publiek. 

Door de mogelijkheid internettherapieën via de smartphone te volgen heeft de smartphone een enorm positieve impact gehad op eMentalHealth. Cliënten zijn niet langer gebonden aan een PC voor een behandeling, maar kunnen die nu overal en in hun eigen tijd volgen. Bovendien is het nu mogelijk om actief notificaties te versturen om de cliënt actief te ondersteunen tijdens zijn behandeling.

 

Hoopvolle ontwikkelingen
Het roer moet om. Om het hoofd te bieden aan de veranderingen in de zorg is het van belang dat GGZ-instellingen zich richten op de zaken die aan de randen van hun eigen organisatie spelen. Dit zijn de plekken waar de bestaande ICT- systemen het slechtst (?) aansluiten op de veranderende werkprocessen. Als gevolg hiervan gaan gefrustreerde medewerkers ‘eigen’ oplossingen gebruiken zoals Whatsapp en Dropbox, met alle negatieve gevolgen van dien. 

Gelukkig is verandering dichtbij. De GGZ instelling werd lange tijd gezien als een domein waar één softwareleverancier verantwoordelijk was voor het ondersteunen van het primaire proces. Met de komst van het referentie domeinen model GGZ (RDG) is het primaire proces verdeeld in verschillende domeinen:

  • Sturing en verantwoording
  • Samenwerking
  • Zorgverlening
  • Zorgprocesondersteuning
  • Bedrijfsondersteuning

Het positieve van deze ontwikkeling is dat de taart voortaan gedeeld wordt. Hierdoor ontstaan er zogenaamde ‘best of breed-oplossingen’. Dit betekent dat een organisatie voor verschillende domeinen de beste oplossing kan kiezen. In de afgelopen paar jaar heeft een groep relatief kleine softwareleveranciers elkaar gevonden en een collectief gevormd. Ieder hebben zij als doel om binnen een domein een zo goed mogelijke softwareproduct te bieden. Doordat er gebruik wordt gemaakt van open standaarden kunnen deelsystemen eenvoudig aan elkaar worden gekoppeld. Zo verspreidt deze software zich als een olievlek door het GGZ-landschap. 

Deze relatief kleine software leveranciers brengen zéér gebruiksvriendelijke deeloplossing op de markt. Zo zijn er bewezen eHealth oplossingen, zoals die van MindDistrict,  Karify en Jouw Omgeving. Maar ook Elektronische Online Dossiers zoals Synaps en beveiligde messenger applicaties zoals de Kanta Messenger. Tot slot zien we ook mooie ontwikkelingen op het gebied van gestandaardiseerde data opslag op basis van ‘OpenEHR’  zoals bijvoorbeeld bij  Code24. Hierdoor wordt het in de toekomst een stuk gemakkelijker van software leverancier te veranderen zonder dat complexe conversies plaats hoeven te vinden. Het einde van de ‘ Vendor-lock-in’....?

Er gloort dus hoop aan de horizon! De GGZ is koploper in het toepassen van ‘best of breed-oplossingen’ binnen de Nederlandse gezondheidszorg. Door gehoor te geven aan nieuwe initiatieven wordt een goede stap gezet richting het ‘nieuwe denken’. Daarbij staat niet langer het belang van ICT-bedrijven voorop, maar het belang van de zorgprofessional vooral en de cliënt. Benieuwd wat de behandelaar ervan zegt wanneer de cliënt zijn sensor aanbiedt en zijn data verwerkt wil zien in het applicatielandschap van de toekomst!


Reageren op dit artikel? Mail dan naar: 

ingezonden@ggztotaal.nl

Naar het e-magazine

Bekijk het archief

 

 

1) http://www.ggzfriesland.nl/landelijke-primeur-denk-behandelt-angststoornissen-met-levensechte-virtual-reality-therapie

 

2) http://www.altrecht.nl/ggz/57959/Overzicht_mogelijkheden#.VW7TmkYl_hU

 

 

 

 

 

Bart van den Bogaard is product manager bij Topicus Zorg. Zijn interesse gaat uit naar het ‘verbinden’ van mensen in plaats van het focussen op het koppelen van systemen.

Neem contact op


Op de hoogte blijven?


Vul uw emailadres in en ontvang gratis ons magazine!

 

 

Disclamer & privacy


Hoe gaan we met jouw gegevens om?

 

Het laatste nieuws


  • Onderzoek naar rol van ggz-agogen en verpleegkundigen in gebiedsteams

  • Veel mentale klachten op de werkvloer

  • Campagne moet mythen over psychose ontkrachten

  • MIND: data in de ggz moeten extra worden beveiligd

  • Hakken

    van de redactie

Zoeken


 

Social media


FacebookTwitterLinkedInInstagram

 

Weesperzijde 10-H   |   1091 EA Amsterdam   |  info@ggztotaal.nl   |   Webdesign PEW

Copyright 2026 - GGZ Totaal
Inloggen | Ziber Website | Design by PEW Grafisch ontwerpstudio