Behandeling in eerstelijns-GGZ nog weinig online

Zorggebruikers die het afgelopen jaar contact hadden met een GGZ-hulpverlener (meestal een praktijkondersteuner GGZ of een psycholoog) hadden weinig mogelijkheden om een (deels) online behandeling te volgen. Huisartsen, die een grotere rol hebben gekregen in de GGZ, noemen dergelijke toepassingen wel als prioriteit voor de komende tijd. Dat blijkt uit de eHealth-monitor 2015 van Nictiz en Nivel, waarvoor zorgverleners en patiënten werden ondervraagd.

Het volgen van een online behandeling is nog geen gemeengoed. Van de zorggebruikers die het afgelopen jaar contact hadden met een GGZ-hulpverlener was volgens 15% een
online behandeling in combinatie met een behandeling in levenden lijve mogelijk. Zes procent maakte er ook gebruik van. Volgens bijna drie op de tien psychiaters is
het mogelijk om bij hen een behandeling via internet te volgen in combinatie met  face-to-face contacten. Ook heeft een kwart van de huisartsen plannen voor het
aanbieden van online hulpprogramma’s bij psychologische klachten.

12% van de zorggebruikers heeft het afgelopen jaar contact gehad met een GGZ-hulpverlener. Volgens 12% van hen is online behandeling in combinatie met face-to-face contact mogelijk; 6% van hen maakt(e) hiervan ook gebruik.
Drie op de tien (29%) psychiaters biedt de mogelijkheid om via internet een behandeling te volgen in combinatie met face-to-face contacten. Nog eens een derde (32%) zou dit wel willen aanbieden, maar heeft hiervoor geen plannen.

Bron: Nictiz (https://www.nictiz.nl/page/Nieuws?mod%5BNictiz_News_Module%5D%5Bn%5D=2621) (hier is ook het hele rapport te downloaden)